Dit wordt vaak anticipatie-angst genoemd: angst voor het opnieuw krijgen van paniek. Die angst kan begrijpelijke beschermingsstrategieën uitlokken. Maar juist sommige van die strategieën kunnen ervoor zorgen dat je steeds minder vertrouwen krijgt in je vermogen om paniek te verdragen.
Wat je gaat lezen
- Wat ‘angst voor de angst’ betekent
- Waarom je na een aanval hyperalert kunt worden
- Wat lichaamscontrole en veiligheidsgedrag doen
- Hoe vermijding het probleem kan uitbreiden
- Wat theorie is en wat onderzoek ondersteunt
- Hoe CGT en exposure kunnen helpen
Wat betekent ‘angst voor de angst’?
De term wordt gebruikt voor angst voor de lichamelijke of psychologische sensaties die bij paniek horen. Iemand is bijvoorbeeld niet alleen bang in een lift, supermarkt of trein, maar vooral bang dat daar een paniekaanval ontstaat en dat ontsnappen of hulp krijgen moeilijk zal zijn.
Na een eerste aanval kan je aandacht daarom verschuiven van de buitenwereld naar je eigen lichaam. Je gaat letten op hartslag, ademhaling, duizeligheid, warmte of een vreemd gevoel in je hoofd.
Als je nog twijfelt of je klachten passen bij paniek, lees eerst Paniekaanval symptomen: hoe herken je een paniekaanval?.
Waarom ga je na een paniekaanval je lichaam zo goed in de gaten houden?
Een heftige paniekaanval kan als een belangrijke leerervaring werken. Als je tijdens de aanval dacht dat je flauwviel, stikte of een hartprobleem kreeg, is het logisch dat je daarna extra alert wordt op signalen die daarop lijken.
Die verhoogde aandacht kan ervoor zorgen dat normale lichamelijke variaties eerder opvallen. Een hartslag die je vroeger niet eens opmerkte, kan ineens voelen als een waarschuwing.
Als paniek voor jou vooral onverwacht lijkt te ontstaan, lees dan ook Waarom krijg ik ineens een paniekaanval?.
Wat is veiligheidsgedrag bij paniek?
Veiligheidsgedrag zijn handelingen die je uitvoert om een gevreesde paniekaanval of catastrofe te voorkomen. Voorbeelden zijn:
- altijd water, medicatie of iets ‘voor noodgevallen’ bij je moeten hebben;
- dicht bij een uitgang zitten;
- alleen ergens heen gaan als iemand meegaat;
- voortdurend je hartslag of ademhaling controleren;
- geen koffie, traplopen of sport meer durven omdat je hartslag dan stijgt;
- steeds iemand vragen of je er wel goed uitziet;
- plaatsen vermijden waar je eerder paniek had.
Niet elk voorzorgsgedrag is automatisch problematisch. Het wordt vooral relevant wanneer je ervan overtuigd raakt dat je zonder die handeling een aanval niet aankunt of dat er iets gevaarlijks zal gebeuren.
Hoe kan angst voor paniek je wereld steeds kleiner maken?
Na een paniekaanval vermijden sommige mensen eerst één specifieke plek. Daarna komen er meer situaties bij: openbaar vervoer, winkels, files, restaurants, bioscopen, vliegen of alleen thuis zijn.
Bij sommige mensen ontstaat een patroon dat past bij agorafobische angst: angst voor situaties waarin ontsnappen moeilijk lijkt of hulp mogelijk niet beschikbaar is als paniekachtige of andere invaliderende symptomen optreden.
Het vermijden geeft vaak directe opluchting. Juist daardoor kan het gedrag worden versterkt: wegblijven voelt alsof het gevaar heeft voorkomen. Op langere termijn kan je vertrouwen in jezelf daardoor verder afnemen.
Waarom kan anticipatie-angst zichzelf versterken?
Dit is een verklaringsmodel. Het is invloedrijk en heeft veel behandelonderzoek geïnspireerd, maar het is niet dé universele verklaring voor iedere paniekaanval of iedere vorm van anticipatie-angst.
Leertheoretische modellen leggen daarnaast nadruk op vermijding en veiligheidsgedrag. Als je telkens ontsnapt voordat je kunt ervaren dat de angst vanzelf afneemt, krijg je minder kans om nieuwe leerervaringen op te doen.
Waarom helpt geruststelling vaak maar heel kort?
Misschien heb je jezelf al honderd keer verteld dat je hart is onderzocht of vraag je iemand steeds opnieuw: “Denk je dat dit paniek is?” De geruststelling kan direct opluchten. Maar als je die zekerheid telkens opnieuw nodig hebt, leert je brein niet goed dat onzekerheid en lichamelijke sensaties ook zonder controle kunnen worden verdragen.
Dat betekent niet dat medische beoordeling onnodig is. Nieuwe of afwijkende lichamelijke klachten moeten juist passend worden beoordeeld. Lees hierover Paniekaanval of hartaanval: hoe herken je het verschil?.
Wat kun je doen wanneer je voelt dat de angst voor paniek oploopt?
Tijdens een aanval of sterke anticipatie-angst kan het helpen om niet onmiddellijk alle gebruikelijke veiligheidshandelingen uit te voeren. Probeer eerst te herkennen wat er gebeurt en, als de situatie veilig is, niet automatisch te vluchten.
In Wat te doen tijdens een paniekaanval? 8 stappen die kunnen helpen vind je een praktisch stappenplan met wetenschappelijke nuance over ademhaling, grounding, vermijden en controle.
Hoe behandel je angst voor een volgende paniekaanval?
Wanneer anticipatie-angst, vermijden en veiligheidsgedrag je leven beperken, kan cognitieve gedragstherapie helpen. CGT is een evidence-based behandeling voor paniekstoornis.
Interoceptieve exposure
Bij interoceptieve exposure wordt geoefend met lichamelijke sensaties die iemand vreest, bijvoorbeeld een verhoogde hartslag, duizeligheid of benauwdheid. Het doel is nieuwe ervaringen op te doen met sensaties die eerder onmiddellijk als gevaarlijk werden geïnterpreteerd.
Exposure aan situaties
Als je situaties bent gaan vermijden, kan behandeling bestaan uit stapsgewijs terugkeren naar die situaties zonder steeds de gebruikelijke veiligheidshandelingen te gebruiken.
Cognitief onderzoek
Daarnaast kan worden onderzocht welke voorspellingen je doet: “Als mijn hart sneller gaat, val ik flauw” of “Als ik niet meteen wegga, verlies ik de controle.” In therapie worden zulke voorspellingen niet alleen besproken, maar waar mogelijk ook getoetst in gedragsexperimenten.
Meer informatie over professionele behandeling vind je op Angst en paniek behandelen. Binnen dit cluster maken we ook nog de uitgebreide blog Paniekaanvallen behandelen: CGT, exposure en wat onderzoek laat zien.
Ben je vooral bang geworden voor de volgende paniekaanval?
Bij Psychologenpraktijk Mental Fitness behandel ik angst- en paniekklachten. We kijken niet alleen naar de aanval zelf, maar juist ook naar anticipatie-angst, vermijding, lichamelijke controle en veiligheidsgedrag.
Bekijk behandeling angst & paniek →Wanneer is het tijd om hulp te zoeken?
Professionele hulp kan zinvol zijn wanneer:
- je dagelijks bezig bent met de mogelijkheid van een nieuwe aanval;
- je niet meer alleen reist of ergens naartoe durft;
- je sport, autorijden, winkels of openbaar vervoer vermijdt;
- je voortdurend je lichaam controleert;
- je regelmatig geruststelling nodig hebt;
- je leven steeds meer wordt ingericht rondom het voorkomen van paniek.
Als aanvallen zonder duidelijke aanleiding lijken te ontstaan, komt daar ook een aparte blog over: Paniekaanvallen zonder duidelijke reden: hoe kan dat?.
Veelgestelde vragen over angst voor een paniekaanval
Kan de angst voor een paniekaanval zelf een aanval uitlokken?
Anticipatie-angst kan lichamelijke activatie verhogen en je aandacht sterker op je lichaam richten. Bij sommige mensen kan dit bijdragen aan een paniekcirkel. Dat betekent niet dat iedere aanval uitsluitend door angstgedachten wordt veroorzaakt.
Waarom controleer ik steeds mijn hartslag?
Na een beangstigende paniekaanval kan je hartslag een waarschuwingssignaal worden. Controleren geeft vaak kortdurende geruststelling, maar kan de aandacht voor lichamelijke sensaties ook blijven versterken.
Moet ik situaties vermijden waar ik paniek heb gehad?
Als een situatie feitelijk veilig is, kan langdurige angstgestuurde vermijding het probleem juist in stand houden. Exposure is daarom een belangrijk onderdeel van behandeling.
Wat is veiligheidsgedrag?
Dat zijn handelingen die je gebruikt om een gevreesde paniekaanval of catastrofe te voorkomen, zoals altijd bij de uitgang zitten, je pols controleren of alleen reizen als iemand meegaat.
Is angst voor de angst hetzelfde als paniekstoornis?
Anticipatie-angst is een belangrijk kenmerk dat bij paniekstoornis kan voorkomen. Voor een diagnose wordt naar het volledige patroon van paniekaanvallen, zorgen en gedragsverandering gekeken.
Welke behandeling helpt?
Cognitieve gedragstherapie is een evidence-based behandeling voor paniekstoornis. Exposure aan gevreesde lichamelijke sensaties en situaties kan daar onderdeel van zijn.
Bronnen en nuance
In deze blog wordt onderscheid gemaakt tussen diagnostische kennis, behandelonderzoek en verklaringsmodellen. Cognitieve en leertheoretische verklaringen worden daarom als modellen beschreven en niet als dé bewezen oorzaak van iedere paniekaanval.
- American Psychiatric Association. DSM-5-TR. Diagnostische beschrijving van paniekaanvallen, paniekstoornis en agorafobie.
- NICE. Generalised anxiety disorder and panic disorder in adults: management (CG113). Richtlijn voor behandeling van paniekstoornis.
- Clark, D. M. (1986). A cognitive approach to panic. Behaviour Research and Therapy, 24(4), 461–470. Cognitief verklaringsmodel van paniek.
- Craske, M. G. & Barlow, D. H. Onderzoek en behandelmodellen rond paniekstoornis, anticipatie-angst, interoceptieve exposure en situationele exposure.
Belangrijk: lichamelijke klachten die nieuw, ernstig of afwijkend zijn mogen niet automatisch aan paniek worden toegeschreven. Laat ze zo nodig medisch beoordelen.